Op het terrein van het voormalige waterleidingbedrijf is een nieuwe woonbuurt ontwikkeld met grote aandacht voor milieu-aspecten. Het stedenbouwkundig plan van Kees Christiaanse is gebaseerd op twee bebouwingstypen: een in hoogte oplopende wand die het terrein afschermt van de omgeving en een aantal stadsvilla's in een verkeersvrij binnengebied. DKV realiseerde een 180 meter lang, geknikt en trapsgewijs oplopend woongebouw. Uitgangspunt voor de vormgeving is enerzijds de enveloppe uit het stedenbouwkundig plan en anderzijds de daarop afgestemde ontsluitingsvorm van het woongebouw: een combinatie van portiek-, corridor- en galerijontsluiting. Er is veel aandacht besteed aan een goed vormgegeven daklandschap dat voor een belangrijk deel voorzien is van grasdaken en terrassen.
Het woongebouw loopt in hoogte op van vier tot acht woonlagen en is ontworpen als een massief blok van rode baksteen. Aan de straatkant wordt de gevel geperforeerd met een regelmatig patroon van kleine raamopeningen. Dit patroon wordt doorbroken door een grote centrale poort naar het binnengebied en een aantal grote sparingen bij de trappenhuizen, galerij en patio's. Op sommige plaatsen ontstaan onverwachte doorkijken in de gevel, die duiden op aanwezigheid van het daklandschap. Het staccato van de verticale uitsneden ter plaatse van de entrees geeft het gebouw aan de straatzijde een zekere statigheid. De gevel aan het groene binnengebied heeft een opener karakter door de toepassing van een balkonraster met een houten gevelvulling.